Kasimir en Karoline is een van de belangrijkste sociaal-kritische volksstukken uit de eerste helft van de twintigste eeuw. Het verhaal speelt zich af op de kermis. De uitgelaten sfeer staat in schril contrast met het troosteloze liefdesdrama waarvan we getuige zijn. Kasimir en Karoline slagen er ondanks hun liefde niet in hun kansarme sociale milieu te ontstijgen. Horváth zelf zei erover: “Het is een ballade van de werkeloze chauffeur Kasimir en zijn bruid…, een ballade vol stil verdriet, verzacht door humor; althans door het alledaagse inzicht: ‚sterven moeten we allemaal’. Wat ten grondslag ligt in het stuk van Horváth is de eeuwige strijd tussen het onderbewustzijn en het bewustzijn binnenin de mens, en het gigantische gevecht tussen individu en maatschappij dat nooit een staat van vrede zal kunnen bereiken.
In regie van Johan Simons en Paul Koek wordt Kasimir en Karoline wervelend muziektheater. Deze première speelt zich af op een unieke locatie: de Vliegbasis Soesterberg in Soest (in een organisatie van de Stadsschouwburg Utrecht). De vooruitgang laat zich hier voelen: transport, distributie, techniek en logistiek gaan een monsterverbond aan dat in dienst staat van ieders welvaart. Een moderne, goed georganiseerde luchthaven staat garant voor een stabiele economische ontwikkeling van een land of continent. De schaal moet daarom bovenmenselijk groot zijn. Alles grijpt in elkaar als een reusachtige machine. Deel uitmaken van dit systeem, op welke manier dan ook, waarborgt materiële welstand en een gevoel van trots groeit in het hart van de mensen; een gevoel dat hen met elkaar verenigt en solidariteit laat ontstaan.
Het stuk vertelt ook een verhaal van mensen die handelen vanuit de volle overtuiging dat hun leven te maken valt, als ze maar willen. Dat zijn vaak de grootste egoïsten die asociaal of crimineel zijn. Zij hebben het geld en manifesteren zich als winnaars. Aan het slot eindigen ze echter allemaal als losers en zijn ze fysiek beschadigd, ziek, zwak en alleen. Hun verleidingen zijn echter maar moeilijk te weerstaan. Het geld maakt een god van ons, en wie wil er geen god zijn in zijn eigen leven… In een wereld waarin alles te koop is… Is het kapitaal de sleutel die ons naar het paradijs kan leiden…
Het is een belangrijke levenswijsheid die Horváth hier toont. We kunnen niet streven naar het ideaal dat wij onszelf stellen, we zijn het misschien zelfs aan onszelf verplicht om te reiken naar het allerhoogste waar we onszelf toe in staat achten. Uiteindelijk zal de realiteit ons echter tot een leven dwingen dat ons laat genieten van de voorspoed, maar dat ons ook wapent om met tegenspoed om te gaan. Dat is geen nederlaag; dat is het leven in bescheidenheid aanvaarden. Het streven naar idealen is gezond, maar blinde ambitie leidt tot halsstarrige overmoed waarmee de ergste rampen worden veroorzaakt, zo wisten de oude Grieken ons al te vertellen. Het is een les die wij op economisch en op politiek gebied ter harte kunnen nemen. Want nadat de financiële elite ons een half jaar geleden in een afgrond stortte waarvan we de bodem nog niet hebben gezien, lijkt nu de politiek aan de beurt om ten dienste van de macht in oude fouten te vervallen. Als de elite zich ter verkrijging van de macht van populisme bedient, ligt een totalitair regime op de loer.
Kasimir en Karoline van Horváth speelt niet in een luchthaven, maar op een grote kermis in de jaren ’30. Economisch zeer wispelturige tijden, en een locatie waar armen en rijken elkaar ontmoeten. Horváth situeert zijn liefdesdrama tussen mensen die zich aan beide kanten van de streep bevinden. De werkloze tegenover de loonwerker die zich geen misstap kan permitteren; de directeur voor wie alle geneugten beschikbaar zijn tegenover de kleine crimineel die pakt wat hij pakken kan. Het ensceneren van dit stuk in de vliegbasis van Soest zorgt ervoor dat de moderne tijd voelbaar is in de voorstelling. Het is de belofte van welvaart die voor het grijpen ligt en aangeeft dat we gezamenlijk tot bovenmenselijke prestaties in staat zijn mits de ene bereid is voor de andere zorg te dragen.
Het stuk laat ook zien dat dromen bedrog zijn en illusies niet de moeite van het nastreven waard zijn. Tegenover de schijnbare eeuwigheid van het heelal, zijn wij allemaal dezelfde kleine mensen en hebben wij allemaal de mogelijkheid om gelukkig of ongelukkig te zijn. Binnen de grenzen van het eigen leven zijn er genoeg keuzes te maken, is er voldoende bewegingsvrijheid voor een gelukkig leven. De omstandigheden vormen de mens, zegt Kasimir, en hij heeft evenveel gelijk als ongelijk. In het denken zijn wij allemaal vrij. In het denken kunnen wij een geluk vinden dat onafhankelijk is van materiële welstand. De waarde van een mensenleven wordt uiteindelijk slechts door het eigen individu bepaald en er is altijd een weg die we kunnen gaan. Zolang we maar in staat zijn hem te zien.
De première is opgenomen door de Stichting Theater en Televisie in samenwerking met de NPS, AVRO en de VPRO. De eerste uizending staat gepland voor het najaar van 2009. Hou dus de programmering in de gaten.






